Oecumenisch denkplatform voor hartstochtelijke en maatschappelijk betrokken theologie. Ook op twitter en facebook

“De staat verdrukt, de wet is logen: dakloos in Amsterdam” – Renata Rotscheid

Over het diaconaal werk van ‘Bureau straatjurist Amsterdam’.

Een overweging door Renata Rotscheid

uit: Ophef 2015, 18e jrg., nr.2, blz. 6-12.

 

De staat verdrukt, de wet is logen,

de rijkaard leeft zelfzuchtig voort;

tot ‘t merg en been wordt d’ arme uitgezogen

en zijn recht is een ijdel woord.

 

Onze cliëntèle zal deze tekst niet kennen, hoewel je juist met deze groep erg moet oppassen met generalisaties. Maar ik durf te beweren dat deze zinnen precies verwoorden hoe zij de werkelijkheid op dit moment ervaren. And so do I, om het maar compact uit te drukken.

 

Bureau straatjurist Amsterdam

Onze “cliëntèle” bestaat uit dak- en thuislozen in Amsterdam. En “wij” zijn de medewerkers van het Bureau straatjurist (www.straatjurist.nl), waarvan ik er één ben. Een vrijwilligster weliswaar, maar evenzeer als de enige betaalde collega, Caroline de Groot, gebonden aan de opdracht van dit bureau: het bieden van juridische ondersteuning aan dak- en thuislozen in Amsterdam. Het Bureau is ondergebracht in het Corvershof van de Protestantse Diaconie aan de Nieuwe Herengracht 18. De combinatie van de oude statigheid van dit gebouw en het soms typerende uiterlijk van de dak- en thuislozen die dit gebouw – overdag – gedeeltelijk bevolken, is mooi. Zo behoort een  kerkelijk gebouw er uit te zien.

Eerder, in Ophef nr. 13/14, 2013, schreef Marino Camarasa onder de titel “Berichten uit de zelfkant”, over de pastorale en juridische hulp vanuit de Amsterdamse Protestantse diaconie aan de dak- en thuislozen. Aspecten die hij beschreef, waren o.a.: er is ook vrolijkheid onder de dak- en thuislozen; mensen vallen niet samen met hun problemen; de helende functie van het straatpastoraat; de onderlinge solidariteit binnen de doelgroep als “Messiaans tegoed”; de positie van de ongedocumenteerden en uitgeprocedeerden en het geding van de PKN daarover tegen de Staat der Nederlanden en tenslotte ook over het juridische werk van Caroline de Groot vanuit het “Bureau straatjurist”, zoals we sinds 2015 heten.

Ik noem dit artikel van Camarasa, omdat de door hem belichte aspecten voor mij staan. Ik heb er niets aan af te doen. Zijn artikel werkte voor mij trouwens als een soort roeping; grappig: geroepen worden uit een opengeslagen nummer van  Ophef. Theologie gestudeerd, daarna rechten, beroepsleven beëindigd als advocaat in de sociale advocatuur. Dan hoor je thuis bij het Bureau straatjurist, gelokaliseerd op vijf minuten fietsafstand van waar ik woon; er is geen ontkomen aan.

In aansluiting op het artikel van Camarasa ga ik in op enkele van de vele problemen van de dak- en thuislozen en probeer ik duidelijk te maken waarom voor hen de wet een leugen is en het recht een ijdel woord. Niet altijd natuurlijk, want anders zouden we geen procedures meer voeren, maar wel heel vaak. Geen theologie in dit artikel, zelfs geen verwijzing ernaar, maar concrete situaties van onrecht die zich in onze praktijk voordoen en waarvan, naar ik veronderstel, veel mensen geen idee hebben. De rol van de kerk bij het werk van Bureau straatjurist zal hieronder worden belicht door Arend Driessen,

Situaties van dak- en thuislozen

“Ach, als ik de straatkrant lees, dan denk ik dat die daklozen het zo slecht niet hebben.” “Ze krijgen toch een uitkering om van te leven en er zijn toch instellingen die daklozen opvangen”. “Er slapen in Nederland toch geen mensen tegen hun wil op straat, behalve die asielzoekers dan.” Uitspraken die ik regelmatig hoor. De werkelijkheid is anders.

Je hoeft helemaal niet veel bijzonders te doen om dakloos te worden. Je zit bijvoorbeeld in een echtscheidingsprocedure en de rechter heeft bevolen dat jij degene bent die de echtelijke woning moet verlaten. Je hebt geen familie of relaties waarop je kunt terugvallen en onvoldoende inkomen om woningruimte te huren buiten de sociale sector, terwijl voor een sociale huurwoning ongeveer een wachttijd bestaat van 10 jaar. Je hebt wel eens gehoord van het Leger des Heils en van Hulp voor Onbehuisden (HVO/Querido) en ten einde raad probeer je daar onderdak te krijgen. Daar komt je eerste confrontatie met de wet- en regelgeving. Het Leger des Heils en HVO/Q. mogen alleen maatschappelijke opvang (MO) bieden aan mensen die een gebrekkige zelfredzaamheid hebben en/of verslaafd zijn. In de praktijk komt het er op neer dat je in psychiatrische behandeling moet zijn  of cliënt in de verslavingszorg. Ook als je medische problemen hebt, kom je niet in aanmerking voor MO, zelfs niet als je epileptische aanvallen hebt, om een concreet geval te noemen. Bovendien moet je openstaan voor begeleiding, en zo nog wat eisen. Geen onderdak dus. Je kunt wel bellen naar de enkele Passantenhotels die er zijn in Amsterdam, maar dat moet dagelijks en binnen bepaalde uren, en meestal blijkt het vol te zijn en je moet er € 15 per nacht voor betalen. Als het je lukt om er binnen te komen, mag je er niet langer dan 10 nachten achtereen verblijven. Overdag moet je de straat weer op. Na 20 nachten kun je het opnieuw proberen.

Een deel van de problematiek in Amsterdam wordt veroorzaakt door woningnood, zoals we dat vroeger pleegden te noemen. Hoezo woningnood in Amsterdam? Er staat in Amsterdam 1 miljoen vierkante meter kantoorruimte leeg; panden die prima geschikt te maken zijn voor woningen, juist voor onze doelgroep: kleine units met eigen kookgelegenheid en sanitair. Waarom gebeurt dit niet? Omdat je een leeg bedrijfspand fiscaal op een mooie manier kunt aftrekken, en dat is kennelijk meer rendabel dan het geschikt maken voor en verhuren aan woningzoekenden.

Stel, je had werk, voordat je op straat kwam te staan. Maar dat houd je niet lang vol. Je wordt verwijtbaar werkeloos. Dan krijg je geen WW; je gaat dus een bijstandsuitkering aanvragen. Voor het ontvangen van een bijstandsuitkering moet je een adres hebben. Je kunt wel een briefadres krijgen bij het DWI (de instantie die de bijstandsuitkering verleent), maar dan moet je wel een uitkering hebben. En die heb je nog niet. Je aanvraag wordt wel in behandeling genomen, maar je moet een formulier inleveren waarop staat waar je in een bepaalde week 7 nachten verbleef, een z.g. 7-dagen-formulier. Je verblijft soms in een parkeergarage in het kantoortje van een vriend die de garage beheert. Maar die vriend mag dat niet toestaan, dus die wil niet dat je dat op het formulier vermeldt. Of je slaapt ook wel eens bij iemand op de bank die zelf een bijstandsuitkering heeft, of niet, in elk geval iemand die niet wil dat er op een ontijdig moment in de vroege ochtend iemand van de afdeling handhaving van de gemeente voor de deur staat. Dus je dakloosheid kan niet worden vastgesteld en je krijgt geen uitkering en geen briefadres. In termen van de wet, voldoe je niet aan je inlichtingenplicht. Slechts 16% van de bijstandsaanvragen van de dak- en thuislozen in Amsterdam leidt tot een uitkering. De mensen die een uitkering krijgen, moeten er vaak weken op wachten. Een verzoek om een voorschot met een beroep op “broodnood” lukt meestal niet. Geen geld, geen onderdak, geen beltegoed meer, OV-chipkaart leeg. Als je nergens terecht kunt, slaap je op straat. Maar dat is verboden. Als je slapend wordt aangetroffen, kun je € 140 boete krijgen. Als je naar de daklozenbalie van het DWI moet, ver buiten het centrum van Amsterdam, rijd je zwart in de tram; controle: weer een boete. Als het koud is, ga je naar Schiphol, daar is het warm, met de trein, zonder te betalen; controle: volgende boete. Je wordt door de rechter veroordeeld, maar je kunt de verhoogde boetes helemaal niet betalen. Als je te vinden bent, word je op vordering van het OM/CJIB (Centraal Justitieel Incassobureau) gegijzeld. Gijzeling is een dwangmiddel om je tot betalen te dwingen, maar komt niet in de plaats van het betalen van je schuld. Zelfs de kantonrechters vinden dit te bar en hebben recentelijk gesteld dat het CJIB moet aantonen dat er bij een vordering tot gijzeling sprake is van betalingsonwil in plaats van betalingsonmacht.

Voor de volledigheid moet ik hier melden dat er voor alle daklozen in Amsterdam winterkoude-opvang is, een voorziening waar je in de winter terecht kunt, een warme maaltijd kunt krijgen en ‘s morgens ontbijt. Om uiterlijk 9.30 uur moet je weer naar buiten. Dit jaar sloot de winterkoudeopvang op 15 maart, terwijl het nog erg koud was. Voor ongedocumenteerden is er een bed-, brood-, badregeling, maar niet voor de andere dak- en thuislozen. In de winterkoudeopvang 2015 sliepen per nacht ruim 200 mensen. Niet iedereen wil daar slapen, want het wordt niet als aangenaam ervaren. Het is er vies en er heerst een gevangenisregime, volgens betrokkenen. Je moet je schamele bagage afgeven, waardoor je je medicijnen zelfs niet kunt innemen. Sommigen slapen liever in een tentje in een park of op een oud bootje. Maar als de winterkoudeopvang dicht is, slapen dus mogelijk rond de 200 mensen in Amsterdam buiten.

Een veel voorkomende oorzaak van dakloosheid is ontruiming. Als je drie maanden huurachterstand hebt, vordert de verhuurder bij de rechter ontruiming en krijgt deze in de regel toegewezen. De deurwaarder zet je uit de woning en de inboedel wordt (meestal) door de gemeente opgeslagen. Als je de opslagkosten niet betaalt en niet binnen drie maanden ophaalt, wordt je inboedel vernietigd of gaat naar een kringloopbedrijf. Weg spullen dus, als je geen nieuwe huisvesting hebt gevonden.

Een daklozenuitkering bedraagt € 651,99 per maand, excl. vakantiegeld. Als je eenmaal een uitkering hebt, lukt het soms om ergens betaald onderdak te vinden. De huur van één kamertje kost zo’n € 300 per maand, zo blijkt uit de situaties die bij Bureau straatjurist terecht komen. De meesten van de verhuurders (onder)verhuren illegaal, zonder toestemming van de eigen verhuurder. Men wil evenmin inkomstenbelasting betalen over de ontvangen huur. Of de verhuurder ontvangt zelf een bijstandsuitkering en vreest –terecht- verlaging van de eigen uitkering. Dus moet de huur contant worden betaald, wordt geen kwitantie gegeven en bestaat er geen huurcontract. Uiteraard ook geen huurtoeslag voor de huurder en evenmin een hogere bijstandsuitkering op grond van het feit dat de huurder niet meer dakloos is en woonlasten heeft. Op grond van de Participatiewet wordt de uitkering gekort, als er meerdere personen op één adres wonen zonder dat een commerciële huurrelatie kan worden aangetoond. Voor mensen die al voor 1 december 2015 een uitkering hadden, gaat deze regel per 1 juli 2015 in. Voorspeld kan worden dat dit tot een groei van het aantal daklozen zal leiden. Want Handhaving zal langskomen en de verhuurder wil geen problemen. Hij zet de huurder er dus uit.

Veel daklozen hebben schulden. Voor hen, en voor veel armen in ons land vormt de Zorgverzekeringswet een bron van schulden. Als je gedurende zes maanden je zorgpremie niet betaalt, word je als wanbetaler aangemeld bij het Zorg Instituut Nederland. Je premie wordt dan geïnd door beslag op je loon of uitkering. De basispremie wordt verhoogd naar € 117 en daar bovenop komt 30% , zodat je maandelijks € 152 voor de basisverzekering gaat betalen. De zorgtoeslag, voor zover je die ontvangt, wordt verrekend met dit bedrag. Het lukt veel mensen niet om uit deze regeling te komen, en als ze deze wanbetalerspremie niet kunnen betalen lopen de schulden op. Dit alles nog afgezien van de € 375 eigen risico die iedere volwassene moet betalen, als hij gebruik maakt van gespecialiseerde medische voorzieningen of medicijnen gebruikt. Huisartsen hebben vastgesteld dat veel mensen om die reden geen gebruik maken van de door hen geschreven doorverwijzing.

Ook de toeslagen vormen een bron van schulden. Veel mensen ontvangen teveel aan huur- en zorgtoeslag doordat veranderingen in hun situatie niet worden gemeld of verwerkt. Maar iemand met een minimuminkomen of een bijstandsuitkering kan geen honderden euro’s aan toeslagen terugbetalen. Kwijtschelding is niet mogelijk en de schuld blijft staan. Zo had iemand kinderopvangtoeslag ontvangen en dit laten innen door de kinderopvanginstelling om daarmee de kosten van de kinderopvang te betalen, iets wat wettelijk was toegestaan, en waaraan de overheid zelfs meewerkte. De kinderopvanginstelling ging failliet en had geen goede administratie bijgehouden, zodat niet formeel bewezen kon worden dat de toeslag aan kinderopvang was besteed. Feitelijk wel, want de toeslag was immers gestort op rekening van de kinderopvanginstelling. De geadresseerde van de kinderopvangtoeslag, de moeder van de kinderen, moest duizenden euro’s kinderopvangtoeslag terugbetalen, terwijl ze zelf nooit een cent van dit bedrag had gezien en het uiteraard onmogelijk kon terugbetalen. Zo zijn de regels nu eenmaal.

Schuldhulpverlening is in Amsterdam aan strenge regels gebonden. Velen komen er niet voor in aanmerking en de procedures duren heel lang. Met als gevolg oplopende schulden, die tot een veelvoud van het initiële bedrag kunnen oplopen door incassokosten, rente en proceskostenveroordelingen.

 

De huidige werkloosheidswetgeving betekent voor veel mensen een regelrechte afbraak van bestaanszekerheid. In samenhang met de toenemende flexibilisering van de arbeid heeft het voor veel werklozen het gevolg dat ze al na enkele maanden WW, als ze dat al krijgen, in de bijstand terecht komen. Als je maandelijkse lasten hoger zijn dan je inkomen, kun je al gauw in een van de bovenbeschreven scenario’s terecht komen.

Ik heb het hier niet gehad over de vele kinderen in Nederland die onder de armoedegrens leven, het toenemend aantal gezinnen en personen dat afhankelijk is van de voedselbanken. Deze aantallen komen geregeld in het nieuws. Iedereen kan weten hoe groot de armoede in ons land is. Ook over de positie van de afgewezen asielzoekers en de weinig verheffende wijze waarop onze overheid hiermee omgaat, is, naar ik aanneem, voldoende bekend.

Hier heb ik slechts enkele situaties genoemd waarin toch al kwetsbare mensen worden getroffen door inhumane wet- en regelgeving. Er zijn veel meer voorbeelden te noemen. Het jaarverslag van Bureau straatjurist doet er verslag van. Dit jaarverslag, dat u op de website kunt nalezen, bracht de Amsterdamse ombudsman, Arre Zuurmond (ja, zoon van) tot de volgende reactie: “Het is aangrijpend en benauwend om te lezen. Aangrijpend om de ellende, vernedering en verdriet die de mensen wordt aangedaan, benauwend omdat we nog een roepende in de woestijn lijken.”

Natuurlijk moeten mensen, als ze enigszins kunnen, voor hun eigen inkomen zorgen en natuurlijk moet uitkeringsfraude worden bestreden. Maar we leven in een tijd van afbraak van de verzorgingsstaat en dat betekent voortdurende verscherping van de regels ten nadele van degenen die het al moeilijk hebben. Om nog een sterk voorbeeld te noemen, op grond van de Fraudewet kunnen mensen grote bestuurlijke boetes krijgen als ze iets fout hebben gedaan ten overstaan van uitkeringsinstanties. De nationale ombudsman stelde na onderzoek vast dat er in veel gevallen helemaal geen sprake is van fraude, maar van iets niet goed begrepen hebben of zelfs van niet kunnen aantonen dat het de uitvoeringsinstantie is, die een fout heeft gemaakt. Maar in tegenstelling tot het strafrecht, geldt hier dat wanneer het daderschap vaststaat, ook de verwijtbaarheid vaststaat. Dit maakt voor degenen die hierdoor worden getroffen het recht –met recht- tot een ijdel woord.

De laatste loot aan dit voortwoekerende, stekelige onkruid, waarin mensen vast komen te zitten, is de gedeeltelijke sluiting van het juridisch loket. Het juridische loket is de plek waarin minvermogenden advies kunnen krijgen over hun juridische probleem en een doorverwijzing naar een advocaat; met zo’n doorverwijzing kan een toevoeging worden verkregen. Het kabinet was van plan alle locaties te sluiten. De juridische loketten zouden alleen telefonisch, à 25 cent per minuut, bereikbaar zijn. Dit zou voor een groot groep betekenen dat voor hen de toegang tot het recht absoluut afgesloten zou worden. Afgezien van de kosten, kunnen ze hun probleem vaak niet telefonisch verwoorden. Gelukkig heeft de tweede kamer het ergste kunnen voorkomen; nu blijven een aantal locaties op beperkte uren open. Blijft, dat deze maatregel een ernstige aantasting van onze rechtsstaat betekent, na verhoging van de griffiegelden etc.

 

Activiteiten van Bureau straatjurist

Allemaal treurigheid, maar wat doet Bureau straatjurist er aan?

Een niet uitputtende opsomming:

  • Bezwaar maken, en eventueel in beroep gaan tegen, eindeloos telefoneren over en/of   klachten indienen over:
  • afwijzing, buiten behandeling stellen, beëindigen of verlagen van een uitkering(saanvraag);
  • afwijzing van verzoek om maatschappelijke opvang, niet opvangen van moeders met jonge kinderen, bejegening binnen de opvanginstellingen, te lange wachttijden, uitzetten uit een opvanginstelling;
  • ten onrechte toepassen van wanbetalersregeling zorgverzekeringswet;
  • belastingheffingen, terugvorderingen door de belastingdienst.
  • Schulden betwisten of betalingsregeling treffen. Juridische bijstand voor de rechtbank in geval van dagvaarding door schuldeiser. Begeleiding naar en bij schuldhulpverlenings- instelling.
  • De deurwaarder dwingen de beslagvrije voet toe te passen bij dwangmaatregelen als loonbeslag of beslag op de uitkering om de schulden te innen.
  • Bij gijzelingsverzoek juridische bijstand verlenen voor de rechtbank en aantonen dat sprake is van betalingsonmacht.
  • Hulp bieden bij o.a.:
  • het aanvragen van een uitkering, bijzondere bijstand, een lening bij de Kredietbank, belastingaangiftes, kwijtschelding van belastingschuld of gemeentelijke belastingen.
  • Over tal van onderwerpen adviseren, o.a. tijdens het wekelijkse spreekuur.
  • Signaleren in beleidsoverleggen en in de publiciteit van wantoestanden; onder meer, situaties waarin de lokale overheid zich niet houdt aan nationale en internationale rechtsregels, en waar zelfs lokale regelgeving daarmee niet in overeenstemming is. Samenvatting: een aanklacht“Toch is de overheid voor daklozen een bron van problemen. In 2014 werden daklozen nog steeds beboet, ook wanneer zij geen enkele vorm van overlast veroorzaken. Zij slapen niet voor hun plezier buiten. Deze boetes van 140 euro voor buitenslapen zijn niet op te brengen voor een dakloze en blijven onbetaald. Vervangende hechtenis leidt weer tot andere problemen. Wie dat overkomt, krijgt ook nog met een korting op zijn uitkering te maken. De gevangenis is toch niet bedoeld voor daklozen die door boetes voor overtredingen waar ze niets aan kunnen doen (buitenslapen), in hechtenis worden genomen of worden gegijzeld? Kennelijk maakt ‘het recht’ dit mogelijk. Het rechtssysteem zou daklozen moeten beschermen in plaats van ze verder in de put te duwen.Ook in ander opzicht is de overheid een deel van het probleem van daklozen. Belastingtoeslagen worden zonder enige uitleg ingetrokken en teruggevorderd, bezwaarschriften en klachten worden zeer traag behandeld en brieven aan de belastingdienst blijven in veel gevallen onbeantwoord. Te vaak wordt het absolute minimuminkomen, de beslagvrije voet, niet gerespecteerd. Het schenden van de regels door de overheid schaadt de burgers en blijft zonder consequenties voor de overheid, maar wanneer burgers – vaak per ongeluk – de regels overtreden, volgt intrekking en terugvordering van de uitkering of toeslagen en een boete. Vooral mensen zonder financiële of sociale buffer, zoals daklozen, worden hierdoor hard getroffen.  Wij zijn het moe naar andrer wil te leven; broeders hoort hoe gelijkheid spreekt: geen recht, waar plicht is opgeheven, geen plicht, leert zij, waar recht ontbreekt.Afgezien van het onrecht dat mensen wordt aangedaan, zal er door dit beleid een steeds grotere groep zijn, die zich niet meer herkent en verbonden voelt met onze rechtsstaat en die zich niet meer wenst te onderwerpen aan de plichten en de regels die het wonen in dit land met zich meebrengt. Ik vind het eigenlijk verbazingwekkend dat zoveel mensen zo keurig in het gareel blijven, ook degenen die niets te winnen hebben bij de huidige status quo. Over deze rechtsstaat moeten we ons ernstig zorgen maken, in de eerste plaats voor de armen en ontrechten, maar ook voor onszelf.(voor reacties en eventuele vragen naar nadere onderbouwing: r.rotscheid@gmail.com.)Naschrift:Het Bureau straatjurist: financiering en organisatie Het ‘Bureau straatjurist’ (toen nog ‘juridisch steunpunt’) ontstond in 2011 als samenwerkingsverband van de Protestantse Diaconie Amsterdam met stichting Badt (Belangen Amsterdamse dak- en thuislozen), de Regenboog Groep en HVO-Querido. Het Bureau straatjurist kon worden opgebouwd met een tijdelijke financiering door HVO-Querido en de Protestantse Diaconie. Voor de Protestantse Diaconie is het overdragen of verzelfstandigen van projecten een gebruikelijke werkwijze. Deze strategie maakt het mogelijk om steeds te blijven inspelen op nieuwe situaties in kerk en samenleving. Een project is geen doel op zich, maar gericht op verandering in de maatschappij. Wel blijven de Diaconie en stichting Badt samenwerken; beide organisaties willen zich samen met vrijwilligers inzetten voor mensen die tussen de wal en het schip vallen. Een gift is dan ook van harte welkom op NL20 INGB 0009 647086 t.n.v. BADT te AmsterdamArend Driessen a.driessen@diaconie.org
  • (Protestantse Diaconie / bestuur stichting Badt)
  • Dankzij de bijdrage van de gemeente Amsterdam hebben we nu gelukkig een basis om het werk uit te voeren. Maar we blijven afhankelijk van giften en donaties, vooral om mensen een kleine overbrugging te geven in de vorm van leefgeld of een kortdurende opvang.
  • In de afgelopen jaren heeft het Bureau straatjurist haar nut en noodzaak bewezen; ook in de ogen van de gemeente Amsterdam. Voor 2015 hebben we een beroep kunnen doen op gemeentelijke subsidiering uit middelen voor onafhankelijke cliëntondersteuning. Het Bureau is vanaf begin van dit jaar formeel onderdeel geworden van stichting Badt en wordt uitgevoerd in samenwerking met de Protestantse Diaconie.
  •  
  • En verder
  • Een daklozenuitkering, toch een allerlaatste voorziening, is moeilijk te bemachtigen……..”
  •  
  • Bij wijze van samenvatting van dit artikel een tekst uit het Jaarverslag 2014 van Bureau straatjurist. Terecht heeft het bijna de vorm van een aanklacht.