Oecumenisch denkplatform voor hartstochtelijke en maatschappelijk betrokken theologie. Ook op twitter en facebook

Ophef nr. 1 1997 De lof der traagheid

Ophef 1997 1Redactioneel

Onze dienares van het milieu, minister de Boer, hield onlangs een pleidooi voor zogenaamde ‘onthaasting’, en toverde een chinees spreekwoord uit haar koffertje: ‘Heeft u haast, ga dan zitten’. Als snel kwam de aap uit de mouw: we moeten volgens de minister meer nadenken. We moeten meer bewust omgaan met onze tijd. We moeten prioriteiten weten te stellen. Tja, en laat dat nou precies passen in de filosofie van het almachtige paars om alles nog efficiënter, nog gestroomlijnder, nog beheerster en nog winstgevender te laten verlopen. Origineel kunnen we dus niet genoemd worden met het thema van deze Ophef: De lof der traagheid. Maar of wij ons daarmee in het koor van de minister willen scharen is een tweede. Ons stond eigenlijk iets ander voor ogen. Is niet dringend geboden een kunst van vertraging die de tijd eerder nutteloos dan overproductief doet zijn; die eigenlijk lak heeft aan al dat flitsdenken. Niks geen kwaliteitsuurtjes en keuzes maken, maar liever baden in zeeën van tragende tijd. Dus – hoezeer ook de kerkvaders de zonde der traagheid bezwoeren, en Jezus volgens Marcus een ontzettende haast had, we wagen het er op: een lof op het langzame leven. Om niet meer te hoeven hijgen naar wat morgen al voorbij is. Om niet meer te hoeven hunkeren naar wat we gisteren nog niet kenden. Omdat een vijfde-zesde-zevende startbaan gans niet nodig is. Omdat daar is een tijd waarop alles stilstaat. Of pas goed op gang komt? De achtste dag…

In het werk van de dichter Hans Faverey spelen de begrippen stilstand en snelheid een belangrijke rol. Ophef opent poëticaal met een verkennende beschouwing over deze dichter van de hand van Hans Groenewegen. Hoe sterk is voortgaande tijd een keurslijf, waaraan wij wellicht meer lijden dan we denken? Martin Walton, werkzaam als geestelijk verzorger met psychiatrische patiënten, geeft vanuit zijn arbeidsveld indrukken van tijdsbelevingen die op de een of andere manier ‘gestoord’ zijn. De productiviteit storen is ondertussen ook een oude droom van de arbeidsbeweging: staken voor hogere lonen en betere tijden. Om dan vervolgens nog harder te moeten werken? Bont maakte de schoonzoon van Karl Marx het in orthodoxe ogen met zijn boek Het recht op luiheid. Hans de Vries herlas het. Karel Blanksma ging daarentegen als ‘razende reporter’ op pad voor berichten uit de werkplek van vandaag. In hoeverre leidt de toenemende arbeidstijdverkorting in bedrijven tot extra werkdruk en veranderde tijdsbeleving? Een gesprek met Klaas Waals. Harm Dane blikt terug op de optimistische jaren zeventig van Okke Jager, die ontwerpen gaf voor de tien aanstormende vrije tijd. Over het verlangen naar snelle computers. Terwijl het einde van ‘the modern times’ gethematiseerd wordt in ‘De bezwering van het geheugen’ van Lucien van Liere over François Lyotard, waarmee wij als Ophef definitief het postmoderne tijdperk betreden. Alles heeft zijn tijd, denkt de slak, en zo ook Esther van de Panne, die hiermee dit thema afsluit. Plaats en tijd voor een exegese. Onder de titel Verzoening en reiniging geeft Rene Venema een exegese van Hebr. 9:11-28. Karel Blanksma uit haar verbazing in onze column HEFTIG. Deze column staat open voor elke lezer en lezeres! Woede, verbazing, verwondering, dan wel treurnis vinden hier een plaats. Hebt u er last van, en de wereld moet het weten? Schrijf!

At Polhuis las tot zijn stijgende verbazing in Ophef (1996/nr. 2) het artikel van Kees van Duin over het ‘Nee tegen de staat’, en reageert volop. Uiteraard vroegen wij Kees van Duin om een korte reactie. Het laatste woord zal er wel niet mee gezegd zijn. Voor de rubriek Het socialisme is nergens meer schreef Martha Pesková een bijdrage onder de titel: Is het socialisme dood?. Joanne Seldenrath bespreekt het proefschrift Verzet is het geheim van de vreugde, waarmee Lieve Troch afgelopen jaar promoveerde. Op 2 februari overleed een markant lid van Christenen voor het Socialisme, Henna Holtus. Bij het afscheid nemen sprak Harm Dane een Ter nagedachtenis uit, die u in dit nummer opgenomen vindt.

Een hand in eigen boezem.

Ophef leeft, maar soms op wat ongezette tijden. In het kalenderjaar ;96 hebben wij slecht drie (dikke) nummers en een ‘speciaal nummer’, geheel aan de dogmaticus F.W. Marquardt gewijd uitgebracht; het laatste verscheen helaas pas in januari 1997. Maar weet, wij doen ons best. In elke geval mag u van ons verwachten in de komende tijden een nummer over ‘Seksualiteit, moraal en opvoeding’, een nummer over ‘Dood en eeuwig leven’, alsmede willen wij aandacht besteden aan de studiedag rond Rudi van Roon die afgelopen januari plaatsvond. Ophef – daar kijk je naar uit!

 

Wessel ten Boom

 

Inhoud

1.   Redactioneel

      Wessel ten Boom

2.   Stilstand

      Hans Groenewegen

3.   Gestoord

      Martin Wallon

4.   Een voorschot op het rijk der vrijheid

      Hans de Vries

5.   Vandaag schilderen, morgen boekhouden

      Karel Blanksma

6.   Is er wel tijd voor vrije tijd?

      Harm Dane

7.   De bezwering van het geheugen

      Lucien van Liere

8.   Slak

      Esther van der Panne

9.   Verzoening en reiniging; een exegese

      Rene Venema

10. Heftig/column

      Karel Blanksma

11. Is het socialisme dood?

      Marta Pesková

12. Henriette Roland Holst
      J. Bernlef

13. Ja tegen de staat

      At Polhuis

14. Het geheim van de vreugde

      Joanne Seldenrath

15. Ter nagedachtenis van Henna Holthus

      Harm Dane