Oecumenisch denkplatform voor hartstochtelijke en maatschappelijk betrokken theologie. Ook op twitter en facebook

Ophef nr. 2 2000 Ver van huis

Ophef 2 2000Redactioneel

Dit nummer gaat in de eerste plaats over de mensen die ver van huis zijn omdat zij thuis geen leven hebben. Onder ons verblijven zij als asielzoekers – ondertussen ondergebracht in verschillende subcategorieën : illegalen, uitgeprocedeerden, ‘Dublin-vlaimanten’, ‘echte’ en ‘economische’ vluchtelingen. Het verschil dat er zo gemaakt wordt is de graad van ‘Verelendung’ waaraan deze mensen worden onderworpen. Zij vormen in ons bestel het probleem waarvan wij vrezen dat het voor je het weet onoplosbaar wordt. De oplossing blijkt dan in de eerste plaats te worden gezocht in het creëren van een klimaat dat hen duidelijk maakt dat het niet aantrekkelijk is bij ons aan huis te komen. In de feuilletons van onze kwaliteitsbladen is ondertussen het ‘multiculturele debat’ begonnen, waarin een ‘eigen cultuur eerst’ zich paart aan een ongedifferentieerd spreken over allochtonen. Daarmee worden nooit de hier ook talrijk woonachtige Duitsers, Belgen en Engelsen bedoeld. Logisch: die zijn net zo beschaafd als wij en hebben dus alle begrip voor het onderonsje dat ‘de’ allochtonen tot de buitenstaanders maakt die hier in de grond van de zaak niets te zoeken hebben. Als zij tenminste niet meer te bieden hebben dan dat zij op zoek zijn naar een asiel. Dat zij desondanks blijven komen zegt vooral iets over de ‘unheimliche’ toestand waarin het overgrote deel van de wereld verkeert: massa’s mensen daar, waar zij wonen, geen Heimat gunnend. Zodat zij uittrekken. Naar het beloofde land? Ashley Terlouw maakt in haar artikel duidelijk dat wij – Europeanen, Nederlanders – zelfs (in het vluchtelingenverdrag van 1951) gedane beloften niet nakomen. Er wordt druk aan gewerkt de vluchtelingen zo ver mogelijk weg te houden. Zo verstijft de Europese Unie zich tot een Fort Europa. Maar de Nederlandse regering noemt haar beleid als sinds jaar en dag ‘rechtvaardig maar streng, humaan doch sober’. Derk Stegeman plaatst daarbij de zeer kritische kanttekening dat op die manier evident onrecht verdoezeld wordt. Niet dat de regering niet anders kan is het probleem maar dat deze dat niet toegeeft. Want zo bespaart zij zich – en ons – de wetenschap hoezeer onze heersende orde onder het nivo blijft van wat ‘van onderen’ gezien rechtvaardig en human is. Hoe dat de ‘civil society’ onder druk zet en de geboden gastvrijheid aan de basis onmogelijk maakt, vertelt het artikel van Anne Kooi. Het speelt in Friesland maar te vrezen valt dat Friesland overal is. Egbert Rooze legt in zijn bijbels-theologische overweging uit dat de ‘hof van Eden’ en het ‘beloofde land’ niet het oord kan wezen waar de bevoorrechten entre nous zijn maar voor allen bestemd is. Want dat land ofwel de aarde ‘is des Heren’ en deze Heer wil dat allen daar een Heimat vinden. In ‘Gesignaleerd’ vraagt Trinus Hoekstra aandacht voor Sytze van der Zee’s ‘Het leven van een vluchteling’” het gaat om mensen! Het tweede thema is de exegeet en dichter Tom Naastepad (1921-1996). Wij zijn gelukkig twee lezingen te kunnen publiceren, gehouden bij de presentatie van Naastepad’s uitleg van het boek Openbaring (‘Geen vrede met het bestaand’), op 22 oktober vorig jaar. Rochus Zuurmond heeft het over de zeldzame verbinding van een exegese en poëzie in het werk van Tom Naastepad die op deze wijze het grote verhaal van de Schrift de er gaf die haar toekomt – tot heil van wie oren heeft om te horen. Rinse Reeling Brouwer maakt attent op de kant van Naastepad die nogal eens buiten de aandacht valt: zijn radicaliteit in politicis. Deze dichter was er niet een van het zoetgevooisde woord en juist zo een dienaar van het Woord dat in al zijn tederheid een ‘hard woord’ (Joh. 6,60) zijn kan. Ineke van der Vlis, lid van de gemeente die Tom Naastepad stichtte, las het boek dat op die oktoberavond gepresenteerd werd en bespreekt het: blij dat het er is maar niet zonder een zeker onbehagen over de vorm waarin het nagelaten werk van Tom Naastepad wordt uitgegeven. Bert Schuurman bespreekt het proefschrift van Tinus Hoekstra, ‘Economie en Geloven’. En vervolgens zijn er de vaste rubrieken. Tamis Wever besluit zijn uitleg van Prediker (maar zet zijn exegese nog even voort). Hans Groenewegen is (zij het niet onverdeeld) enthousiast over de poëzie van K. Michel. Bram Grandia introduceert in ‘Storm van getuigen’ het ‘vruchtbaar bondgenootschap’ van Ellacuria, Romero en Sobrino. ‘Heftig’ wordt Connie van den Broek over de taal waarmee Cohen de vreemdeling buiten de deur wil houden. En komt zo terig op het hoofdthema: ‘ver van huis’ (maar wie is dat eigenlijk: zij of wij?).

 

Dick Boer

 

Inhoud

1.   Redactioneel

      Dick Boer

2.   Over dichte deuren, ijskasten en nieuwe torens – preventie of protectie in het Vluchtelingenbeleid?

      Ashley Terlouw

3.   De kloof tussen mens en burger – over het tegoed aan recht van de vluchteling

      Derk Stegeman

4.   Minder dan vijftig meter zicht – over “Draagvlak voor vluchtelingen in een kleurrijk Friesland”

     Anne Kooi

5.   De hof van Eden is van alleman – een exegetische speurtocht

      Egbert Rooze

6.   Gesignaleerd: Stempeldag van Sytze van der Zee

      Trinus Hoekstra

7.   De dichter als exegeet, de exegeet als dichter – over Thomas Naastepad

      Rochus Zuurmond

8.   ‘Verwacht dan ook geen tolerantie meer’ – De wereldmarkt als laatste bolwerk van de duivel

      Rinse Reeling Brouwer

9.   Te veel, te weinig? – bespreking van Thomas Naastepad ‘Geen vrede met het bestaande”

      Ineke van der Vlis

10. Over de ontoereikendheid van een moreel appel – bespreking van Trinus Hoekstra ‘Economie en Geloven’

      Bert Schuurman

11. Een hart waarin zich eeuwigheid bevindt – een exegese van Prediker 3

      Tamis Wever

12. Getekend: Tamis

13. De blikseminslag van het beeld – over ‘Waterstudies’ van K. Michel

      Hans Groenewegen

14. Storm van getuigen – een vruchtbaar bondgenootschap: Ellacura, Romero, Sobrino

      Bram Grandia

15. Heftig